1
名詞[C], plural
手の上にはめる覆い。保温、保護、衛生、または装いの一部として用いるもの
hándschoenen
発音
語源
Plural of Dutch handschoen, a compound of hand “hand” and schoen “shoe,” literally “hand-shoe.”
例文
Ik draag handschoenen in de winter.
Ík dráág hándschoenen in de wínter.
私は冬に手袋をします。
Ze kocht nieuwe handschoenen voor het fietsen.
Zé kócht níeuwe hándschoenen voor het fíetsen.
彼女は自転車に乗るために新しい手袋を買いました。
Trek je handschoenen aan voordat je naar buiten gaat.
Trék je hándschoenen áán voordat je naar búiten gáát.
外に出る前に手袋をはめてください。
連語
handschoenen dragen
handschoenen aantrekken
leren handschoenen
rubberen handschoenen
warme handschoenen
AI生成