1
voornaamwoordPersoonlijk voornaamwoord voor de spreker zelf.
/ɛk/
Voorbeelden
Ek gaan môre werk toe.
Ik ga morgen werken.
Ek is baie bly om jou te sien.
Ik ben heel blij je te zien.
AI-gegenereerd
Laden...
/ɛk/
ik
1
voornaamwoordPersoonlijk voornaamwoord voor de spreker zelf.
/ɛk/
Voorbeelden
Ek gaan môre werk toe.
Ik ga morgen werken.
Ek is baie bly om jou te sien.
Ik ben heel blij je te zien.
AI-gegenereerd