1
werkwoordHulpwerkwoord; onregelmatige tegenwoordige vormen: jesam, jesi, je, jesmo, jeste, jesu.
Bestaan; zich in een bepaalde toestand of op een bepaalde plaats bevinden.
/ˈbiti/
Voorbeelden
Želim biti dobar učenik.
Ik wil een goede leerling zijn.
On je umoran.
Hij is moe.
AI-gegenereerd