1
werkwoord[T]
Dingen in een bepaalde volgorde, positie of patroon plaatsen.
/əˈreɪndʒ/
Uitspraak
Etymologie
Uit het Middelengelse arangen, uit het Oudfranse arengier, van a- plus rengier, wat ‘in een rij zetten’ betekent, verwant aan rank.
Voorbeelden
She arranged the books by color.
/ʃi əˈreɪndʒd ðə bʊks baɪ ˈkʌlər/
Ze schikte de boeken op kleur.
The chairs were arranged in a circle.
/ðə tʃɛrz wɝ əˈreɪndʒd ɪn ə ˈsɝkəl/
De stoelen waren in een cirkel opgesteld.
Antoniemen
Collocaties
AI-gegenereerd