1
zelfstandig naamwoord[C]
Een comfortabele bus die wordt gebruikt om passagiers over lange afstanden te vervoeren.
/koʊtʃ/
Uitspraak
Etymologie
Afkomstig van het Franse coche, uiteindelijk van het Hongaarse kocsi, dat een rijtuig uit Kocs, een stad in Hongarije, betekent.
Voorbeelden
We took a coach from London to Edinburgh.
/wi tʊk ə koʊtʃ frəm ˈlʌndən tu ˈɛdɪnbərə/
We namen een touringcar van Londen naar Edinburgh.
The tour company provided a luxury coach for the trip.
/ðə tʊr ˈkʌmpəni prəˈvaɪdɪd ə ˈlʌkʃəri koʊtʃ fər ðə trɪp/
Het reisbureau stelde een luxe touringcar voor de reis beschikbaar.
Synoniemen
Collocaties
AI-gegenereerd