1
zelfstandig naamwoord[C, U]
Een populaire of actuele stijl, vooral in kleding, kapsels, decoratie of gedrag.
/ˈfæʃən/
Uitspraak
Etymologie
From Middle English facioun, from Old French façon, meaning “form, manner, make,” from Latin factio, from facere “to make.”
Voorbeelden
Paris has long been a center of fashion.
/ˈpærɪs hæz lɔŋ bɪn ə ˈsɛntər əv ˈfæʃən/
Parijs is al lange tijd een centrum van de mode.
She works in fashion.
/ʃi wɝks ɪn ˈfæʃən/
Zij werkt in de mode.
Antoniemen
Collocaties
AI-gegenereerd