1
werkwoord[I]
Een korte sprong maken, vooral op één voet of met beide voeten samen.
/hɒp/
Uitspraak
Etymologie
Uit Middelengels hoppen, waarschijnlijk van Germaanse oorsprong, verwant aan het idee van opspringen of springen.
Voorbeelden
The rabbit can hop over the log.
/ðə ˈræbɪt kæn hɒp ˈoʊvər ðə lɔːɡ/
Het konijn kan over de boomstam hoppen.
She hopped on one foot across the room.
/ʃiː hɒpt ɒn wʌn fʊt əˈkrɔːs ðə ruːm/
Ze huppelde op één voet door de kamer.
Collocaties
AI-gegenereerd