1
zelfstandig naamwoord[C]
Een verharde openbare weg waarop voertuigen, mensen en dieren zich kunnen verplaatsen.
/roʊd/
Uitspraak
Etymologie
Uit het Oudengels rād, met de betekenis ‘een rit, reis, expeditie’, verwant aan ride.
Voorbeelden
The road was closed after the storm.
/ðə roʊd wəz kloʊzd ˈæftər ðə stɔrm/
De weg was afgesloten na de storm.
Turn left at the end of the road.
/tɝn lɛft æt ði ɛnd əv ðə roʊd/
Sla linksaf aan het einde van de weg.
Synoniemen
Collocaties
AI-gegenereerd