1
bijvoeglijk naamwoordBedekt met sneeuw.
/ˈsnoʊi/
Uitspraak
Etymologie
From snow + -y; related to Old English snāwig, meaning “snowy.”
Voorbeelden
The mountains looked snowy in the morning light.
/ðə ˈmaʊntənz lʊkt ˈsnoʊi ɪn ðə ˈmɔrnɪŋ laɪt/
De bergen leken in het ochtendlicht met sneeuw bedekt.
A snowy road can be dangerous to drive on.
/ə ˈsnoʊi roʊd kæn bi ˈdeɪndʒərəs tə draɪv ɑn/
Op een besneeuwde weg rijden kan gevaarlijk zijn.
Collocaties
AI-gegenereerd