1
werkwoord[T]
Het in werking stellen van een machine, licht of ander apparaat met behulp van een schakelaar of bediening.
/ˈtɝːn ˈɑːn/
Uitspraak
Etymologie
Afkomstig van het werkwoord turn plus het bijwoordelijke partikel on, oorspronkelijk gebruikt voor het verplaatsen van een bediening naar de werkstand.
Voorbeelden
Please turn on the lights before you go in.
/pliːz ˈtɝːn ˈɑːn ðə laɪts bɪˈfɔːr juː ɡoʊ ɪn/
Zet de lichten aan voordat je naar binnen gaat.
He turned on the radio to hear the news.
/hiː ˈtɝːnd ˈɑːn ðə ˈreɪdiˌoʊ tə hɪr ðə nuːz/
Hij zette de radio aan om het nieuws te horen.
Antoniemen
Collocaties
AI-gegenereerd