1
bijvoeglijk naamwoordVariabel bijvoeglijk naamwoord: animado, animada, animados, animadas
Levendig, opgewekt en vol energie of enthousiasme.
animádo
Uitspraak
Etymologie
Van het Spaanse animar, uiteindelijk van het Latijn animare, met de betekenis “leven of geest geven aan”, van anima, “ziel, adem, leven”.
Voorbeelden
Es un chico muy animado en las fiestas.
És ún chíco múy animádo én lás fiéstas.
Hij is een heel levendige jongen op feestjes.
Hoy te veo más animado que ayer.
Hóy té véo más animádo qué ayér.
Vandaag lijk je vrolijker dan gisteren.
Collocaties
AI-gegenereerd