1
zelfstandig naamwoord[C]
Een uitschuifbaar, doosvormig vak in een meubel; lade.
cajón
Uitspraak
Etymologie
From Spanish caja (“box”) plus the augmentative suffix -ón.
Voorbeelden
Guardo las llaves en el cajón de la mesa.
Guárdo las lláves en el cajón de la mésa.
Ik bewaar de sleutels in de lade van de tafel.
El cajón está lleno de papeles viejos.
El cajón está lléno de papéles viéjos.
De lade zit vol oude papieren.
Synoniemen
Collocaties
AI-gegenereerd