1
zelfstandig naamwoord[C]; mannelijk zelfstandig naamwoord; vrouwelijk: amie
Een vriend; iemand die men goed kent en mag.
/a.mi/
Uitspraak
Etymologie
Van het Oudfranse ami, uit het Latijnse amīcus, verwant aan amāre, ‘liefhebben’.
Voorbeelden
Mon meilleur ami habite à Lyon.
/mɔ̃ mɛ.jœʁ a.mi a.bit a ljɔ̃/
Mijn beste vriend woont in Lyon.
Elle parle à un ami d'enfance.
/ɛl paʁl a œ̃.n‿a.mi dɑ̃.fɑ̃s/
Ze praat met een jeugdvriend.
Collocaties
AI-gegenereerd