1
zelfstandig naamwoord[C], feminine
Een lepel; een gebruiksvoorwerp met een klein kommetje aan het uiteinde van een steel, gebruikt om te eten, te serveren of eten te roeren.
/kɥijɛʁ/
Uitspraak
Etymologie
From Old French cuillere, ultimately from Latin cochleārium, a spoon, especially one used for shellfish or eggs.
Voorbeelden
La cuillère est sur la table.
/la kɥijɛʁ ɛ syʁ la tabl/
De lepel ligt op tafel.
Remue la soupe avec une cuillère en bois.
/ʁəmy la sup avɛk yn kɥijɛʁ ɑ̃ bwa/
Roer de soep met een houten lepel.
Collocaties
AI-gegenereerd