1
zelfstandig naamwoord[C]
Een jas; een kort bovenkledingstuk met mouwen, gedragen op het bovenlichaam.
/vɛst/
Uitspraak
Etymologie
From Italian veste, ultimately from Latin vestis, meaning “garment” or “clothing.”
Voorbeelden
Elle porte une veste noire.
/ɛl pɔʁt yn vɛst nwaʁ/
Ze draagt een zwarte jas.
Il a accroché sa veste au porte-manteau.
/il a akʁɔʃe sa vɛst o pɔʁt mɑ̃to/
Hij hing zijn jas aan de kapstok.
Collocaties
AI-gegenereerd