1
partikelRelatief partikel dat een betrekkelijke bijzin inleidt.
/ə/
Voorbeelden
An fear a bhí anseo inné.
De man die gisteren hier was.
AI-gegenereerd
Laden...
/ə/
die
1
partikelRelatief partikel dat een betrekkelijke bijzin inleidt.
/ə/
Voorbeelden
An fear a bhí anseo inné.
De man die gisteren hier was.
AI-gegenereerd
2
determinator'a' + séimhiú = 'zijn'; 'a' + h vóór een klinker = 'haar'; 'a' + urú = 'hun'.
Bezittelijk bijvoeglijk naamwoord dat bezit aangeeft (zijn/haar eigen).
/ə/
Voorbeelden
Chaill sé a leabhar.
Hij verloor zijn boek.
AI-gegenereerd