1
zelfstandig naamwoord[C, U]
Afwezigheid bij een les, vergadering of andere geplande plaats waar men geacht wordt aanwezig te zijn.
gyeolseok
Uitspraak
Etymologie
Sino-Korean word from 缺席, meaning “to lack or miss a seat.”
Voorbeelden
그는 감기 때문에 오늘 수업에 결석했다.
geuneun gamgi ttaemune oneul sueobe gyeolseokhaetda
Hij was vandaag wegens verkoudheid afwezig bij de les.
무단 결석이 세 번이면 부모님께 연락합니다.
mudan gyeolseogi se beonimyeon bumonimkke yeollakhamnida
Als er drie ongeoorloofde afwezigheden zijn, nemen we contact op met de ouders.
Tekenanalyse
결
gyeol
lack; absence, corresponding to 缺
석
seok
seat; place, corresponding to 席
Collocaties
AI-gegenereerd