1
werkwoord[I]
trouwen; een huwelijk aangaan met iemand
gyeolhonhada
Uitspraak
Etymologie
From Sino-Korean 결혼, from 結婚 meaning “marriage,” plus 하다, “to do.”
Voorbeelden
두 사람은 내년에 결혼한다.
du sarameun naenyeone gyeolhonhanda
Die twee gaan volgend jaar trouwen.
우리는 다음 달에 결혼할 예정입니다.
urineun daeum dare gyeolhonhal yejeongimnida
We zijn van plan volgende maand te trouwen.
그는 대학 동창과 결혼했다.
geuneun daehak dongchanggwa gyeolhonhaetda
Hij trouwde met een studiegenoot.
Tekenanalyse
결
gyeol
to join; to bind
혼
hon
marriage
하
ha
to do
다
da
dictionary-form verb ending
Collocaties
결혼하고 싶다
결혼하기로 하다
친구와 결혼하다
결혼할 예정이다
결혼한 사람
AI-gegenereerd