1
zelfstandig naamwoord[C]
Inheems Koreaans telwoord «vier»; het getal 4, of een groep van vier.
net
Uitspraak
Etymologie
Native Korean numeral; related to the attributive form 네 used before counters.
Voorbeelden
하나, 둘, 셋, 넷!
hana dul set net
Een, twee, drie, vier!
우리 가족은 모두 넷이다.
uri gajogeun modu nesida
In mijn gezin zijn we met z'n vieren.
아이 넷이 놀고 있다.
ai nesi nolgo itda
Vier kinderen zijn aan het spelen.
Tekenanalyse
넷
net
the native Korean numeral four
Collocaties
하나 둘 셋 넷
넷 중 하나
넷이서
넷 다
모두 넷
AI-gegenereerd