1
zelfstandig naamwoord[C]
in een traditioneel Koreaans huis: een houten vloer of een verhoogde ruimte met houten vloer; in ruimere zin de vloeroppervlakte.
maru
Uitspraak
Etymologie
Native Korean word; not derived from Hanja.
Voorbeelden
아이들이 마루에서 놀고 있다.
aideuri marueseo nolgo itda
De kinderen spelen op de houten vloer.
할머니는 마루에 앉아 차를 마셨다.
halmeonineun marue anja chareul masyeotda
Grootmoeder ging op de houten vloer zitten en dronk thee.
Tekenanalyse
마
ma
Hangul syllable; no independent lexical meaning here
루
ru
Hangul syllable; no independent lexical meaning here
Collocaties
AI-gegenereerd