1
zelfstandig naamwoord[C]
een echtgenoot of echtgenote; vooral in juridische, officiële of formele contexten
baeuja
Uitspraak
Etymologie
Sino-Korean word from 配偶者, literally 'paired partner person.'
Voorbeelden
그녀는 배우자와 함께 사는 것을 행복하게 여긴다.
geunyeoneun baeujawa hamkke saneun geoseul haengbokage yeoginda
Zij beschouwt samenleven met haar echtgenoot als geluk.
배우자를 잃은 후 그는 오랫동안 혼자 살았다.
baeujareul ireun hu geuneun oraetdongan honja saratda
Nadat hij zijn echtgenoot had verloren, leefde hij lange tijd alleen.
신청서에는 배우자의 이름을 적어야 한다.
sincheongseoneun baeujaui ireumeul jeogeoya handa
Op het aanvraagformulier moet u de naam van uw echtgenoot invullen.
Tekenanalyse
배
bae
Sino-Korean morpheme from 配, 'to pair; match'
우
u
Sino-Korean morpheme from 偶, 'mate; counterpart'
자
ja
Sino-Korean morpheme from 者, 'person'
Collocaties
AI-gegenereerd