1
werkwoord[T, I]
De verantwoordelijkheid voor iets op zich nemen; verantwoordelijk zijn voor een handeling, fout, resultaat of situatie.
chaegimjida
Uitspraak
Etymologie
From 책임 (責任, “responsibility”) + 지다 (“to bear; to carry; to take on”).
Voorbeelden
그는 자신의 실수를 책임졌다.
geuneun jasinui silsureul chaegimjyeotda
Hij nam de verantwoordelijkheid voor zijn eigen fout op zich.
누가 이 문제를 책임질 것인가?
nuga i munjereul chaegimjil geosinga
Wie zal verantwoordelijk zijn voor dit probleem?
Tekenanalyse
책
chaek
responsibility; blame
임
im
duty; charge
지
ji
stem of 지다, to bear or take on
다
da
dictionary-form verb ending
Collocaties
AI-gegenereerd