1
bijwoordOp dit moment; nu.
da'bar
Uitspraak
Voorbeelden
Dabar lyja.
Da'bar 'lyja.
Het regent nu.
Aš dabar negaliu kalbėti.
'Aš da'bar ne'galiu kal'bėti.
Ik kan nu niet praten.
Collocaties
AI-gegenereerd
Laden...
da'bar
nu
1
bijwoordOp dit moment; nu.
da'bar
Uitspraak
Voorbeelden
Dabar lyja.
Da'bar 'lyja.
Het regent nu.
Aš dabar negaliu kalbėti.
'Aš da'bar ne'galiu kal'bėti.
Ik kan nu niet praten.
Collocaties
AI-gegenereerd
2
bijwoordIn de huidige periode; tegenwoordig; momenteel.
da'bar
Uitspraak
Voorbeelden
Dabar jis gyvena Vilniuje.
Da'bar jis gy'vena 'Vilniuje.
Hij woont nu in Vilnius.
Lietuvoje dabar daug kas pasikeitė.
Lie'tuvoje da'bar daug kas pasi'keitė.
In Litouwen is tegenwoordig veel veranderd.
Collocaties
AI-gegenereerd
3
partikeldiscourse particle
Gebruikt om een nieuw punt, overgang, instructie of tegenstelling in te leiden; nu; welnu.
da'bar
Uitspraak
Voorbeelden
Dabar pažiūrėkime į kitą klausimą.
Da'bar pažiū'rėkime į 'kitą klau'simą.
Laten we nu eens naar een andere vraag kijken.
O dabar klausyk manęs.
O da'bar 'klausyk ma'nęs.
En luister nu naar me.
Collocaties
AI-gegenereerd