1
zelfstandig naamwoord[C, U]
Iemands aangeboren aard of kenmerkende patroon van emotionele reacties en gedrag.
tempera'mentas
Uitspraak
Etymologie
Een internationaal ontleend woord, uiteindelijk uit het Latijn temperamentum, met de betekenis ‘juiste menging, matiging’, van temperare ‘mengen, regelen’.
Voorbeelden
Jo temperamentas ramus, bet jis greitai prisitaiko prie naujų situacijų.
Jo tempera'mentas 'ramus, bet jis 'greitai prisita'iko prie 'naujų situa'cijų.
Zijn temperament is rustig, maar hij past zich snel aan nieuwe situaties aan.
Vaiko temperamentas dažnai matyti jau kūdikystėje.
'Vaiko tempera'mentas 'dažnai 'matyti jau kūdiky'stėje.
Het temperament van een kind is vaak al in de babytijd te zien.
Synoniemen
Collocaties
AI-gegenereerd