1
werkwoordIets bezitten of hebben; hulpwerkwoord van de voltooide verleden tijd.
'ter
Uitspraak
Voorbeelden
Tenho dois gatos em casa.
'Tenho 'dois 'gatos em 'casa.
Ik heb twee katten thuis.
Você tem que estudar mais.
Vo'cê 'tem que estu'dar 'mais.
Je moet meer studeren.
AI-gegenereerd