1
werkwoord[T]
niet graag mogen; haten; iemand of iets onaangenaam vinden
tǎoyàn
Uitspraak
Etymologie
A compound of 讨, historically meaning “to seek, demand, provoke,” and 厌, “to be disgusted with, be weary of.”
Voorbeelden
我讨厌下雨天。
wǒ tǎoyàn xià yǔ tiān.
Ik haat regenachtige dagen.
她讨厌别人迟到。
tā tǎoyàn biérén chídào.
Ze haat het als anderen te laat komen.
Tekenanalyse
讨
tǎo
to ask for; to seek; to provoke
厌
yàn
to dislike; to be weary of
Collocaties
AI-gegenereerd