1
名词[C]
男性邻居;住在隔壁或附近的男人
búúrman
发音
词源
Compound of Dutch buur (“neighbour”) + man (“man”).
例句
Onze buurman heeft een hond.
Ónze búúrman hééft een hónd.
我们的男邻居有一只狗。
De buurman kwam helpen toen de stroom uitviel.
De búúrman kwám hélpen toen de stróóm úítviel.
停电时,邻居来帮忙了。
Ik praat vaak met mijn buurman over de tuin.
Ik práát váák met mijn búúrman over de túín.
我经常和我的邻居谈论花园。
搭配
mijn buurman
de nieuwe buurman
de buurman helpen
met de buurman praten
AI 生成