1
動詞[T]
安慰或慰藉感到悲傷、擔心或痛苦的人
tróosten
發音
詞源
源自中古荷蘭語 troosten,與 troost「安慰、慰藉」相關,並與德語 trösten 同源;最終來自一個意為「信任、信心、支持」的日耳曼語詞根。
例句
Ik probeer haar te troosten na het slechte nieuws.
Ik probéer háár te tróosten na het sléchte níeuws.
我試著在壞消息之後安慰她。
Zij wist hem met een grapje te troosten.
Zíj wíst hem met een grápje te tróosten.
她用一個小笑話安慰了他。
搭配
iemand troosten
een kind troosten
elkaar troosten
proberen te troosten
AI 生成